De rivierkreeft in de Kadoelerscheg
Tijdens het biodiversiteitsonderzoek door vrijwilligers in de Kadoelerscheg en andere delen van Amsterdam-Noord worden regelmatig rivierkreeften gevangen. Maar waar komen deze dieren vandaan en welke rol spelen ze in onze sloten?
Biodiversiteitsonderzoek
Vroeger kwam de Europese rivierkreeft (Astacus astacus), een oorspronkelijke zoetwatersoort, ook in Nederland voor. Door watervervuiling en ziekten, zoals de kreeftenpest, is deze soort vrijwel uit Nederland en grote delen van West-Europa verdwenen. Waarschijnlijk leeft de Europese rivierkreeft in Nederland alleen nog op enkele plaatsen in Oost-Nederland.
De rivierkreeft die we in de Kadoelerscheg het meest aantreffen, is de gevlekte Amerikaanse rivierkreeft. Deze soort is rond 1970 via de aquariumhandel in Nederland terechtgekomen. Inmiddels leven er zes uitheemse soorten rivierkreeften in ons land, afkomstig uit Noord-Amerika en Aziƫ.
Aanwinst of gevaar?
De gevlekte Amerikaanse rivierkreeft komt veel voor in sloten en vijvers. Hij verdraagt echter slecht brak water en wordt daarom nauwelijks gevonden in wateren die in verbinding staan met het IJ.
Rivierkreeften zijn alleseters. Ze eten insectenlarven, slakken, waterplanten en organisch afval. Snelle dieren, zoals vissen en kikkers, weten meestal aan hen te ontsnappen. Wanneer er weinig voedsel beschikbaar is, kunnen rivierkreeften zelfs kleine voedseldeeltjes uit het water filteren.
Omdat de gevlekte Amerikaanse rivierkreeft een exoot is, kan hij een bedreiging vormen voor de natuur. Exoten hebben vaak weinig natuurlijke vijanden en kunnen zich daardoor snel vermenigvuldigen. Grote aantallen rivierkreeften kunnen veel waterplanten en kleine waterdieren opeten, waardoor de biodiversiteit afneemt.
Om zich te beschermen tegen roofdieren, zoals vogels en grote vissen, graven rivierkreeften schuilgangen in oevers. Hierdoor kunnen oevers beschadigen en in sommige gevallen verzwakken. De rode Amerikaanse rivierkreeft graaft overigens veel intensiever dan de gevlekte Amerikaanse rivierkreeft.
Gelukkig krijgen de rivierkreeften inmiddels steeds meer natuurlijke vijanden. Zo eten onder andere de blauwe reiger, de fuut en waarschijnlijk ook de bruine rat rivierkreeften. Vroeger werd de Europese rivierkreeft ook door mensen gegeten. In Scandinaviƫ is dat nog steeds een traditie en worden jaarlijks kreeftenfeesten georganiseerd.
Wat kunnen we doen?
Er zijn verschillende manieren om de overlast van Amerikaanse rivierkreeften te beperken. Glooiende oevers maken het voor de dieren moeilijker om gangen te graven. Ook het wegvangen van rivierkreeften kan lokaal helpen.
Minstens zo belangrijk is het verbeteren van de waterkwaliteit. Schonere sloten, met minder bestrijdingsmiddelen en andere schadelijke stoffen, zorgen voor sterkere en gevarieerdere ecosystemen. Daardoor krijgen ook andere planten en dieren meer kans om zich te herstellen.
Op pad in het najaar
Tijdens vochtige herfstdagen kun je rivierkreeften soms buiten het water tegenkomen. Ze lopen dan over paden of door het gras op zoek naar een nieuwe leefplek. Wanneer ze zich bedreigd voelen, steken ze hun scharen omhoog. Dat ziet er indrukwekkend uit, maar rivierkreeften vallen mensen niet aan. Wel is het verstandig voldoende afstand te houden, want met hun scharen kunnen ze stevig knijpen.
Tot slot
De gevlekte Amerikaanse rivierkreeft is inmiddels een vaste bewoner van de Kadoelerscheg en veel andere wateren in Amsterdam-Noord. Het is een opvallend en succesvol dier, maar ook een soort die invloed heeft op de natuur. Door de rivierkreeften en andere waterdieren goed te blijven volgen, krijgen we steeds meer inzicht in hun verspreiding en de gevolgen voor de biodiversiteit. Die kennis kan helpen bij het beheer van onze sloten en het behoud van een gezond watersysteem.
Bron: Koese, B. & Soes, M. (2011). De Nederlandse rivierkreeften