Landkaartje

07-01-2026

Het landkaartje is een vlinder die het hele jaar in Nederland blijft.

Er zijn twee generaties per jaar. De eerste generatie vliegt in het voorjaar: een oranje vlinder met zwarte vlekken, van half april tot begin juni. De tweede generatie vliegt in de zomer: een zwarte vlinder met oranjerode en witte strepen, van begin juli tot september. De lengte van het daglicht bepaalt hoe de vlinder uit de pop komt.

Waar leeft het landkaartje?

Deze vlinder houdt van vochtige plekken, zoals ruigte, rietland, bossen, heggen, houtwallen, tuinen en parken. Hij vliegt vooral in de vroege ochtend en aan het eind van de middag. Het landkaartje houdt niet van te veel warmte en zon! Overdag rusten de mannetjes in groepen in de schaduw. Als er een bij of andere vlinder in de buurt komt, jagen ze die weg. Als er een vrouwtje langs vliegt, vliegen alle mannetjes achter haar aan in een spiraal omhoog.

Eitjes en rupsen

De eitjes worden in rijtjes gelegd aan de onderkant van bladeren van grote brandnetels of berenklauw. Dit gebeurt op vochtige plekken langs het water of in donkere bosranden. De rups blijft bij de plant tot hij verpopt.

Voedsel

In het voorjaar drinkt de vlinder nectar van fluitenkruid. In de zomer eet hij nectar van akkerdistel, berenklauw en koninginnenkruid.

Tip om deze vlinder te helpen

Laat brandnetels in de schaduw staan, ook in de winter. Daar zitten de eitjes en poppen van het landkaartje op.